De Ruyter, nationale held of rover?

266px-Bol,_Michiel_de_Ruyter

Michiel Andriaenszoon De Ruyter. Een zeeheld. Zo kennen wij hem. Maar was De Ruyter werkelijk de zeeheld, zoals wij hem uit de geschiedenisboeken kennen? Of was hij, zoals menig ander zeevaarder in de “Gouden Eeuw” een zg. kaper of een slavenhandelaar?

MdRss

De Duitse bezetter trachtte de heldenstatus van De Ruyter te gebruiken voor de werving van Nederlanders bij de WaffenSS

In 1640 werd De Ruyter kapitein op het koopvaardijschip Vlissinge en maakte daarmee diverse tochten naar het toenmalig West Indië, de huidige Caraïben. Dit had alles met slavernij te make, omdat de (Nederlandse) koloniën in dit gebied volledig op slavenarbeid draaiden. Slaven die uit Afrika werden gehaald. De producten die erheen werden vervoerd waren voor het overgrote deel bestemd voor de slavenplantages en hun eigenaren en als retourvracht werden de producten afkomstig ván die plantages meegenomen. Suiker, siroop, tabak en katoen. Producten door slavenarbeid geproduceerd en geoogst.

02170609

Slaven op een plantage in West Indië

Toen tussen 1644 en ’51 De Ruyter met zij eigen schip De Salamander voer, maakt hij ook een aantal retourvaarten naar de slavenkolonies in West Indië.

In het midden van de 17e eeuw waren er naar schatting zo’n 20 Nederlandse forten in het gebied tussen het tegenwoordige Senegal en Nigeria gebouwd en was het hoofdkantoor van de WIC (West Indische Compagnie) gevestigd in het huidige Ghana. Toen in 1655 De Ruyter weer in dienst van de Staten Generaal van de Republiek der Verenigde Nederlanden voer, verdreef hij de Engelsen uit één van de forten op de Afrikaanse westkust; het fort Tocorary in het tegenwoordige Ghana. En de Staten Generaal deden meerdere keren een beroep op De Ruyter om de Nederlandse slavenhandelsbelangen op de Afrikaanse kust te beschermen of te heroveren op Europese concurrenten.

Intussen groeide de vraag naar Afrikaanse slaven in West Indië en ook de concurrentie tussen de Republiek en Engeland om deze gebieden te beheersen. Zowel in West Indië als in West Afrika. In 1664 veroverde Engeland alle Nederlandse forten in Afrika, behalve Elmina. De wIC zelf beschikte niet over de nodige middelen voor een tegenaanval en daarop besloten de Staten Generaal om generaal De Ruyter eropaf te sturen. Zijn vloot lag op dat moment bij Gibraltar. In 1664 veroverde hij het Engelse fort Tasso (in Sierra Leone). 400-500 ivoren slagtanden behoorden tot de oorlogsbuit. Dit maakt De Ruyter, behalve slavenhandelaar, ook zeerover.

In de maanden daarna heroverde hij alle Nederlandse forten en veroverde hij tevens het Engelse fort Cormantin, dat later werd omgedoopt tot Amsterdam. Het bij Elmina gelegen fort Cabo Corso weigerde De Ruyter aan te vallen, omdat hij de risico’s te groot vond. WIC-directeur te Elmina, Johan van Valckenburg, stond dit niet aan. Hij zag de Nedelrandse handel in dit gebied op deze wijze ondermijnd worden. Maar De Ruyter weigert pertinent om het fort aan te vallen en vaart met zijn vloot van dertien schepen naar West Indië om daar zijn daden voort te zetten. In Barbados, de oudste Engelse slavenkolonie van West Indië, vernietigt hij een aantal Engelse schepen en beschiet hij de versterkingen. Maar hevig Engels vuur beschadigt zijn schepen ernstig en hij wordt uit het gebied verdreven. Om de schade te laten repareren vaart hij naar de Franse salvenkolonie Martinique, verovert een aantal Engelse schepen en bevoorraadt het centrum van de Nederlandse slavenhandel in West Indië, Sint Eustatius.

Elmina-625x472

Het fort Elmina in de 17e eeuw.

In het rampjaar 1672 barst de strijd tegen Frankrijk los. De Ruyter vaart wederom naar de West om belangrijke Franse slavenkolonies aan te vallen. Hij probeert in 1674 Martinique te veroveren, maar dit mislukt jammerlijk.

In 1662 wist de WIC een deel van het door de Spaanse kroon gegeven monopolie (asiento) op de Spaanse slavenhandel naar de koloniën in Amerika naar zich toe te halen. Tot aan 1674 verhandelde de Compagnie 50.000 Afrikaanse slaven. In 1675 werd een nieuw asiento afgesloten. Voor vijf jaar zou de WIC 4.000 slaafgemaakte Afrikanen per jaar leveren aan Spanje. De doorslag in de onderhandelingen met Spanje toen de Heren X, de bewindhebbers van de Compagnie, erin slaagden de Staten Generaal ervan te overtuigen Spanje te helpen in de strijd tegen Frankrijk en daarvoor de vloot van De Ruyter in te zetten. Wederom in verband met de belangen voor de slavenhandel dus.

Het grootste deel van zijn zeevaardersbestaan heeft De Ruyter de belangen van de slavenhandelaren gediend. Dat hij daar en passant ook de nodige kostbaarheden buit maakte, was voor hem uiteraard mooi meegenomen. Dit alles maakt De Ruyter, weliswaar een kundig marine-officier, slavenhandelaar en zeerover.

 

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s